20 sept. 2008

VS houden banden met Boliviaanse oppositie geheim

NEW YORK, 19 september 2008 (IPS) - Wie krijgt in Bolivia miljoenen dollars van de Amerikaanse belastingbetaler? Het is een vraag die hardop gesteld word door verschillende politieke analisten in Washington, maar de Amerikaanse regering houdt de lippen stijf op elkaar.

“De regering in Washington heeft beslist om haar banden met de Boliviaanse oppositie te hullen in mysterie”, zegt Mark Weisbrot, directeur van het Centre for Economic and Policy Research, een onafhankelijke denktank. Weisbrot en verschillende van zijn collega’s maken zich ernstig zorgen over het Amerikaanse politieke beleid in Zuid-Amerika, en met name over de terughoudendheid van de regering om details te verstrekken over de grootte van de Amerikaanse steun en wie in Bolivia daar precies van geniet.

“Het Amerikaanse agentschap voor ontwikkelingshulp USAID doet in Bolivia precies hetzelfde van wat het doet in Venezuela: de oppositie steunen”, zegt onafhankelijk onderzoeker en schrijver Jeremy Bigwood, die gespecialiseerd is in Latijns-Amerika.

Zo stond in juli 2002 in een vrijgegeven boodschap van de Amerikaanse ambassade in Bolivia aan Washington te lezen dat “een gepland politiek hervormingsprogramma van USAID gericht is op de implementering van een bestaande Boliviaanse wet die, op lange termijn, zou leiden tot de oprichting van gematigde, pro-democratische politieke partijen die kunnen dienen als tegengewicht voor de radicale MAS (de partij van de huidige president Evo Morales, nvdr).”

Bigwood heeft verschillende pogingen ondernomen om gedetailleerde informatie te verkrijgen over de Amerikaanse uitgaven in Bolivia, maar zonder succes. Sinds 2005 heeft hij vijf verschillende aanvragen gedaan onder de Freedom of Information Act. Eén van die vragen bracht wel aan het licht dat de quasi-overheidsinstelling National Endowment for Democracy een programma had gesponsord dat tussen 2002 en 2004 dertien jonge “opkomende leiders” van Bolivia naar Washington haalde om hun rechtse politieke partijen te steunen.

“Niet enkel USAID, maar ook andere overheidsinstellingen sluizen geld naar de oppositie in Bolivia”, vertelt Bigwood, die het ook heeft over “omkoping”. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken ontkent de beschuldigingen, maar vorige week verklaarde president Morales de Amerikaanse ambassadeur Philip Goldberg als "persona non grata" en vroeg hij hem om het land binnen de 72 uur te verlaten. Ook Morales beschuldigde Goldberg ervan de rechtse Boliviaanse oppositiegroepen te steunen.

Crisis
Vijf Boliviaanse provincies, die samen over de meeste natuurlijk rijkdommen in het land beschikken, voeren een sterke oppositie tegen de pogingen van Morales om de grondwet te wijzigen en economische en sociale hervormingen door te voeren in het voordeel van de autochtone bevolking. Volgens lokale kranten zijn in de provincies, die worden geleid door rechtse gouverneurs, verschillende Morales-aanhangers gedood en gewond door gewapende oppositiegroepen.

Na druk uit Brazilië en Venezuela is het geweld in de provincies verminderd. Woensdag echter raadde de regering-Bush Amerikaanse burgers aan om het land te verlaten en legde ze speciale vluchten in. Nog dezelfde dag zette de regering Bolivia op de zwarte lijst van landen die de strijd tegen drugs niet hard genoeg voeren, een gevolg van een eerdere beslissing van Morales om lokale boeren het recht te geven coca te produceren. De Boliviaanse president wees erop dat het gewas voor de inheemse bevolkingsgroepen ook ceremoniële en medische waarde heeft. In de Boliviaanse hooglanden worden de bladeren verwerkt in thee of gekauwd om honger te verminderen en hoogteziekte te bezweren.

Volgens critici heeft de regering-Bush geen rechtvaardiging voor haar houding in Bolivia, inclusief de zogenaamde oorlog tegen drugs, en moet ze haar hulppolitiek in het land verduidelijken.

“USAID is niet bedoeld als clandestiene organisatie”, zegt Weisbrot. “Maar door clandestiene steun te geven aan oppositiegroepen, geeft het de indruk dat de VS bijdraagt aan pogingen om de Boliviaanse regering te destabiliseren.”

Haider Rizvi